Zwakke of zwikkende enkels? Er is wat aan te doen!

Sportvrouw enkels

Hoe ontstaan zwakke enkels?

Zwakke enkels of enkels die regelmatig omzwikken ontstaan meestal doordat een flink verstuikte enkel niet goed getraind is. Hierdoor blijven de spieren en banden zwakker waardoor de kans op herhaaldelijk zwikken groter is. Buiten dat het zwikken van de enkels vervelend is, kan het ook erg pijnlijk zijn.

Soms ligt de oorzaak van het zwikken niet bij zwakke spieren of banden maar kan het ook door de stand van de voeten komen.

Wat zijn symptomen van een zwakke enkel?

  • Instabiel gevoel
  • Regelmatig omzwikken van de enkel
  • Pijn in de enkel
  • Bewegingsangst i.v.m. het opnieuw zwikken van de enkel
  • Gezwollen enkel

Gelukkig is er iets aan te doen!

Het is belangrijk de kracht, mobiliteit en stabiliteit van de enkels te trainen. Hiermee maak je de enkels op een redelijk eenvoudige manier sterker. Houdt er rekening mee dat een stabiele enkel niet in een paar dagen wordt gecreëerd, hiervoor is wel wat tijd (en moeite) nodig! Ook is het dragen van stevige schoenen belangrijk. Een enkel zwikt namelijk minder snel bij het dragen van een stevige schoen.

Kijk voor oefeningen op de ‘Versterk je enkel’-app (Android of Apple). Deze is te downloaden in de app-store of bekijk de oefeningen op internet. Ook kan U uw instructeur bij de sportschool vragen voor oefeningen of informeren bij uw podotherapeut of fysiotherapeut. Probeer tijdens het doen van oefeningen een ongelijke ondergrond te vermijden.

Wat kan een podotherapeut doen?

Een podotherapeut beoordeeld tijdens onderzoek waar het probleem ligt en gaat hiermee gericht aan de slag. Het kan zijn dat er stabiliserende oefeningen worden voorgeschreven, een stabiliserende steunzool wordt gemaakt of dat U een schoenadvies krijgt. Ook kan het zijn dat de podotherapeut de enkel doet intapen of dat deze manueel wordt behandeld. Soms vindt er een doorverwijzing naar de fysiotherapeut plaats. Het doel van de behandeling is bovenal de kans op recidief te verkleinen.

Wilt je meer informatie of weten wat wij kunnen doen voor je enkels? Neem dan contact met ons op.

Slijten steunzolen? 4 tips om versnelde slijtage te voorkomen

Steunzool - Podotherapie Bakel Venray

Bij Podotherapie Bakel-Venray adviseren wij om de steunzolen ongeveer één keer per jaar te laten controleren. Steunzolen zijn namelijk aan slijtage onderhevig. De werking wordt dan minder, waardoor oude of nieuwe klachten kunnen ontstaan. We merken dat het slijten van de steunzolen bij de één sneller gaat dan bij de ander. Dit kan verschillende oorzaken hebben;

  1. Transpirerende voeten
  2. Overgewicht
  3. Hoge belastingintensiteit
  4. Nat worden van steunzolen

Steunzolen gaan gemiddeld 2 à 3 jaar mee. Waarom adviseren wij dan om ze ieder jaar te controleren? Wanneer er beginnende slijtage van de steunzolen optreedt kan de podotherapeut de steunzolen vaak (nog) aanpassen/repareren. Het gedeelte van de steunzool dat aan het slijten is kan dan vervangen worden. Hierdoor gaat een zooltje weer net wat langer mee. Wanneer het zooltje al te veel aan het slijten is zal de podotherapeut u nieuwe steunzolen adviseren. Soms kan het ook zijn dat alleen  het afdek versleten is. Deze is vrij gemakkelijk te vervangen voor een nieuw afdek. Hierdoor zien uw steunzolen er weer fris uit.

Enkele tips om versnelde slijtage van uw steunzolen te voorkomen.

  1. Heeft u een lederen afdek op de steunzool? Vet deze dan één keer per maand in met een kleurloze leervet. Laat ze na het invetten even goed drogen.
  2. Zijn uw steunzolen nat geworden? Haal ze uit de schoenen, zodat ze goed kunnen drogen. Leg ze NIET bij de verwarming, hierdoor kunnen de steunzolen krom trekken.
  3. Haal de steunzolen iedere avond uit de schoenen, zodat ze goed kunnen luchten. Onze voeten produceren namelijk zo’n kwart liter zweet per dag! Niet zo gek dus dat onze voeten aan het einde van de dag vochtig zijn.
  4. Het is normaal dat het afdek van de steunzolen na enige tijd verkleurd. Mocht u dit vervelend vinden dan kunt u een voetensokje/kousje om de steunzool trekken. Deze zijn afneembaar en uit te wassen.

Gevoelloze voeten tijdens het fietsen? Wij helpen je verder met 5 tips

Gevoelloze voeten tijdens het fietsen op de racefiets, wielrennen of mountainbiken

Misschien herkent u het wel. U bent lekker aan het fietsen op de racefiets of mountainbike, maar nog voordat u goed en wel onderweg bent beginnen u tenen gevoelloos te worden. Weer een stukje verder beginnen ze ook te tintelen en krijgt u een brandend gevoel. Uw aandacht wordt de gehele rit naar uw voeten getrokken. Hier zit u nu net niet op te wachten.

Wat is de oorzaak van gevoelloze voeten tijdens het fietsen?

  • Dat zou de druk van het pedaal kunnen zijn direct onder de bal van de voet. Hier zitten de kopjes van de middenvoetsbeentjes. Bij te veel druk kan het kapsel gaan irriteren. Ook kunnen de zenuwen die hier zitten inklemmen bij te veel druk.
  • Te smalle schoenen. Te smalle schoenen kunnen onvoldoende ruimte bieden bij het zwellen van de voeten tijdens langere ritten. Hierdoor raakt de voet ingeklemd in de schoen, waardoor zenuwen ook ingeklemd raken. Ook een te kleine schoen is niet goed.
  • Verkeerde positie van de schoenplaatjes. Als de schoenplaatjes niet goed staan afgesteld kan er te veel druk plaatsvinden op de verkeerde plek. Hierdoor kan het zijn dat de tenen na enige tijd beginnen te slapen. Naar alle waarschijnlijkheid staan de plaatjes dan te ver naar voren gemonteerd.
  • Te smalle schoenplaatjes. Er zijn kleine en grote schoenplaatjes te verkrijgen. Bij kleine schoenplaatjes wordt de druk verdeeld over een kleiner oppervlak. Dit betekent dat de piekdruk ter hoogte van het schoenplaatje groter zijn dan wanneer je een groter of breder schoenplaatje plaatst. De druk kan bij een breder schoenplaatje beter verdeeld worden over een groter oppervlak.
  • Afwijkende voetstand. Het schoeisel of de plaatsing van de schoenplaatjes hoeft niet per direct de oorzaak te zijn van gevoelloze voeten tijdens het fietsen. Het kan ook zijn dat jou voettype ervoor zorgt dat er meer druk op de bal van de voet ontstaat. Dit kan bij een naar binnen kantelende voet, ook wel een doorgezakte voet genoemd. Hierdoor neemt meestal de druk op de bal van de voet toe. Ook kan het zijn dat je een holvoet hebt, hierdoor steun je voornamelijk op de hiel en bal van de voet. Tijdens het fietsen ontstaat ook op de bal van de voet dus extra druk. Door de toename aan druk kunnen zenuwen klem komen te liggen.

Wat kunt u hier zelf aan doen? 5 praktische tips

  1. Zorg voor een goed passende schoen. Zorg ervoor dat de schoen niet te smal is. Je moet tijdens het passen van de schoen de tenen nog kunnen bewegen. Houdt er rekening mee dat je de sokken draagt tijdens het passen die je normaal tijdens het fietsen ook draagt. Mocht de schoen te smal zijn, maar qua lente maat wel goed zijn, ga dan niet een maat groter dragen omdat deze dan ook breder wordt, maar kijk naar een schoen met een breedte maat. Er zijn verschillende merken te verkrijgen voor smalle voeten (Shimano en Sidi), maar ook voor bredere voeten (Lake en Luck). Bij sommige fietszaken meten ze naast de lengte van de voet ook de breedte en het volume van de voet op.
  2. Let erop dat schoen stijf is. Is de zool van de fietsschoen te buigen dan ontstaat er tijdens het fietsen meer druk op de voorvoeten. Stijven zolen zijn vaak gemaakt van carbon. Doordat de zool niet buigzaam is wordt de druk over de gehele voorvoet verdeeld en heb je minder last van piekdrukken.
  3. Kijk eens goed naar de positie van de schoenplaatjes. Staat deze naar voren dan zou je deze nog een stuk naar achteren kunnen zetten, hierdoor verplaats je de druk onder de bal van de voet wat verder naar achteren. Varieer hier in om te testen wat goed bij uw voet past.
  4. Grootte van de schoenplaatjes. Er zijn verschillende type schoenplaatjes te koop. Bekijk de verschillende soorten eens. Misschien heeft u een klein plaatje en zou u eens een grotere/bredere moeten proberen.
  5. Materiaal bovenwerk. Lederen schoenen hebben het voordeel dat ze zich aanpassen aan de vorm van de voeten. Dit is bijvoorbeeld wenselijk wanneer je last hebt van een knobbel aan de voet. Ook zijn er verschillende schoenen verkrijgbaar met een ander type sluiting, waardoor de voet ook minder ingeklemd kan raken. Tevens zijn er schoenen verkrijgbaar met meerdere sluitingen die je apart van elkaar kunt instellen.

Wat kan een Podotherapeut voor u betekenen?

Mocht je na het volgen van bovenstaande adviezen nog steeds last blijven houden van gevoelloze voeten tijdens het fietsen? Dan zou bezoek aan de podotherapeut een oplossing kunnen bieden. Een podotherapeut kijkt naar de stand en mobiliteit van de voeten. Mogelijk dat er in de fietsschoen steunzolen gemaakt moeten worden, zodat de voet bijvoorbeeld minder doorzakt en de zenuwen minder ingeklemd raken. Soms kan het al opgelost worden door een simpele aanpassing te doen aan de fietsschoen. De behandeling richt zich voornamelijk op het verminderen van de druk onder de kopjes van de middenvoetsbeentjes.  Benieuwd of jouw aanvullende verzekering steunzolen vergoed? Kijk dan op https://www.podotherapie.nl/vergoedingenoverzicht/

De podotherapeut houdt bij het maken van de steunzolen rekeningen dat er beperkt ruimte in de fietsschoen aanwezig is, dus probeert de zolen bijvoorbeeld bij de tenen zo dun mogelijk te houden. Ook houdt deze rekening met de speciale vorm van de fietsschoen en met de materiaalkeuze.

Mochten er vragen zijn of zou je graag meer informatie willen over de mogelijkheid van steunzolen in de fietsschoenen? Neem dan contact op met Podotherapie Bakel-Venray.

Een fietsspeciaalzaak kan u ook al een heel eind op weg helpen. Hierbij nog enkele tips die wij u niet konden onthouden!

  • Het moment van passen van de schoen is erg belangrijk. Doet dit na een lange rit of pas de schoenen met twee paar sokken.
  • Let bij het passen van de schoenen op een uitneembare binnenzool.

 

 

Wat te doen bij kinderen en hielpijn? (oftewel Morbus Sever)

Kinderen met hielpijn ofwel morbus sever

Morbus Sever, wat houdt het in?

Morbus Sever is een ontsteking van de apophyse (groeischijf) van de calcaneus (hielbeen). Het ontstaat vaak net voor of tijdens een groeispurt. Op deze momenten komt er veel trekkracht te staan op het spier- en peescomplex wat aanhecht op de groeischijf door lengtegroei van de botten. Dit in combinatie met overbelasting zorgt ervoor dat er telkens micro-scheurtjes ontstaan met ontstekingsverschijnselen.
Op een röntgenfoto zijn vaak geen afwijkingen te zien. In de dagelijkse praktijk zien wij deze klachten vaak voorkomen bij kinderen tussen de zeven en vijftien jaar oud. Meestal zien we een piek in pijnklachten vlak na de start van een nieuw sportseizoen. Voetbal is een sport waarbij deze klacht veel voorkomt.

Welke pijnklachten komen naar voren?

Het kind heeft vaak een lang aanhoudende zeurende pijn ter hoogte van de achterkant van de hak, op de plek waar de achillespees aanhecht op het hielbeen. Er kan soms een kleine zwelling optreden bij deze aanhechting van de achillespees. Om de pijn te ontzien gaan kinderen vaak op de tenen lopen. Op de lange termijn kan dit de pijnklachten doen verergeren.
Het is een vrij pijnlijke, maar wel onschuldige diagnose. Wanneer het kind is uitgegroeid verdwijnen deze pijnklachten uiteindelijk vanzelf weer.

Wat kan een podotherapeut betekenen bij deze pijnklachten?

Om ervoor te zorgen dat een kind met Morbus Sever klachten tijdens de groei toch kan blijven sporten en bewegen kan een podotherapeut uitkomst bieden. Tijdens het onderzoek wordt gekeken naar de oorzaken van de pijnklachten. Vaak zie je bij Morbus Sever klachten een voet die teveel naar binnen kantelt of een stijve enkel.
Over het algemeen kunnen podotherapeutische steunzolen waarbij de kanteling van de voet tegen gegaan wordt in combinatie met een goede demping erin verwerkt de pijnklachten een stuk verminderen. Ook worden er vaak rekoefeningen van de kuitspieren meegegeven zodat de trekkracht van de achillespees op het hielbeen verminderd.

Wat is het belang van goed schoeisel?

Wanneer het kind te slap schoeisel draagt zal de voet tijdens het lopen teveel zelf moeten compenseren. Als de voet van zichzelf al teveel naar binnen kantelt, gaat de achillespees nog harder aan de groeischijf trekken om die kanteling tegen te gaan. Het is ook erg belangrijk dat er een goede sportschoen gedragen wordt die stevig is bij de hielpartij en die niet gemakkelijk gebogen kunnen worden in het midden van de zool. Een goede demping in de zool is daarbij ook belangrijk. Het is alleen bij bepaalde sporten (waaronder voetbal) onmogelijk een schoen te kopen waar een demping in zit. De harde noppen van de zolen zorgen helaas voor nog meer klappen op de voet. Hierbij kan een op maar gemaakte steunzool een uitkomst bieden.

Mocht u meer willen weten over deze klachten, of klaagt u kind tijdens of na het sporten over pijn aan de hiel. Neem dan contact met ons op.

Wanneer ga je naar een podotherapeut met je kind?

Wanneer podotherapie voor je kind?

Normaal zal een kind niet snel klagen over zijn voeten wanneer er geen aanleiding voor is. Wanneer er sprake is van een afwijkende voetstand of een afwijkend looppatroon zal je kind meestal pijnklachten ervaren tijdens langere afstanden lopen of met het sporten. Een kind met groeipijnen is heel normaal. Wanneer een kind erg veel en vaak gaat klagen kan een podotherapeut hier wellicht hulp in bieden.

Wanneer komt een kind bij de podotherapeut op het spreekuur?

Hieronder worden enkele voorbeelden genoemd wanneer wij kinderen op ons spreekuur zien:

  • Het kind kan niet lang lopen of staan;
  • Het kind struikelt regelmatig;
  • Het kind zwikt regelmatig zijn/haar enkels om (met of zonder pijnklachten);
  • De schoenen van het kind lijsten erg snel af;
  • Het kind loopt met de voeten en/of knieën naar binnen;
  • Het kind heeft pijnklachten in de knieën, enkels of voeten.

Hoe ziet de ontwikkeling van de kindervoet eruit?

  • Van 0-2 jaar zijn nog niet alle botstructuren ontwikkelt in de voeten en kunnen nog niet alle spieren op de juiste manier functioneren. Daarvoor dient de baby nog veel te oefenen met trappelen en spelen. Op dit moment bestaan de botten nog uit kraakbeen.
  • Van 2- 6 jaar verandert de stand van de voeten en benen vaak in een X-stand. Over het algemeen zal dit rond het 6e tot en met het 8e levensjaar vanzelf wegtrekken tot een ‘normaalstand’. In deze fase hebben kinderen nog vaak platvoeten.
  • Van 6- 8 jaar zullen de voeten en benen zich ontwikkelen tot een rechte stand waar bij de voeten en enkels recht onder het onderbeen staan en de knieën niet naar binnen of buiten gedraaid staan. De platvoeten ontwikkelen zich in deze fase tot een normale voetboog.
    Wanneer het kind niet klaagt over zijn/haar voeten tijdens het bewegen en sporten is er tot en met het 8e levensjaar over het algemeen geen reden voor ongerustheid. Mits de afwijkende voetstand of manier van lopen wel erg opvallend is ten opzichte van andere kinderen.

Wat kan een podotherapeut voor jouw kind betekenen?

De podotherapeut zal allereerst uitgebreid onderzoek doen naar de voeten van het kind. Op de podoscoop wordt gekeken naar de drukverdeling onder de voet en de stand van de voeten, knieën, heupen en rug. De bewegelijkheid van de voeten wordt beoordeeld en eventuele pijnklachten worden onderzocht op mogelijke oorzaken. Het lopen en bewegen wordt bekeken en mogelijk worden er aanvullende testen uitgevoerd om de pijnklachten te achterhalen. Ook de schoenen worden uitvoerig bekeken, daarbij wordt het slijtagepatroon en het model van de schoen altijd meegenomen.

Behandelplan

Wanneer er uit het onderzoek naar voren komt dat de ontwikkeling van de voeten ‘afwijkend’ is, of wanneer de pijnklachten zodanig storend zijn in het dagelijks functioneren van het kind, zal de podotherapeut een behandelplan gaan maken.
Over het algemeen wordt er gekozen voor een podotherapeutische steunzool die de voeten gedurende de groei van het kind gaat ondersteunen. Hiermee kunnen pijnklachten verholpen worden en kan een eventuele afwijkende voetstand gecorrigeerd worden. Tevens zal er een passend schoenadvies gegeven worden.

Wil je meer informatie of wil je graag een afspraak. Neem dan contact met ons op.

Wat wordt er vergoed door je zorgverzekeraar bij Podotherapie in 2020?

Sinds een aantal weken hebben zorgverzekeraars hun vergoedingen voor 2020 bekend gemaakt. Dit betekent ook de bekendmaking van de vergoedingen voor podotherapie. Wij hebben het overzicht van alle verzekeraars bekeken en zagen dat er bij sommige verzekeraars een aantal veranderingen zijn ten opzichte van de vergoedingen in 2019. Een groot gedeelte van de vergoedingen is echter gelijk gebleven, waaronder de vergoedingen van het VGZ en CZ. Deze verzekeringen komen in ons gebied veruit het meeste voor.

Wil je weten wat er precies in je aanvullend pakket is veranderd? Raadpleeg dan je polisvoorwaarden of neem contact op met je verzekeraar. Op www.podotherapie.nl/vergoedingenoverzicht, is een overzicht te vinden wat speciaal op de podotherapeutische vergoedingen is gericht. Zoals elk jaar valt de vergoedingen voor podotherapie binnen het aanvullende pakket. Binnen de meeste verzekeringen wordt podotherapie ruimschoots vergoed en is er ook geen verwijzing van de huisarts nodig. Het eigen risico is bij een podotherapeut niet van toepassing.

Wijzigingen in vergoedingen

Sommige verzekeraars maken onderscheid tussen behandelingen en steunzolen, hier zijn dan aparte vergoedingspotjes voor. Andere verzekeraars hebben een maximale vergoeding of een bepaald percentage dat wordt vergoed.
Hieronder zie je een overzicht van de grootste wijzigingen van de zorgverzekeraars. Niet alle wijzigingen worden hieronder benoemd! Kijk voor een totaal overzicht op www.podotherapie.nl/vergoedingenoverzicht.

  • Anderzorg en Ditzo geven in 2020 geen vergoeding meer voor
    podotherapie.
  • CZdirect; De pakketnamen zijn veranderd! Voor het basic-, en extra-
    pakket worden geen vergoedingen meer gegeven voor podotherapie.
  • De Amersfoortse heeft bij de meeste aanvullende pakketten een
    bedrag ingesteld voor de maximale vergoeding van steunzolen. Eerder
    stond hiervoor maximaal één paar zolen per jaar.
  • Stad Holland vergoedt bij het compact aanvullende pakket geen
    steunzolen meer.
  • Umc; Bij verschillende pakketten zijn de bedragen voor de steunzolen
    sterk omlaag gegaan.
  • VvAA vergoedt bij het optimaal, top en excellent pakket nog maar één
    paar steunzolen per jaar.

Meer informatie over vergoeding podotherapie

Wil je na deze blog toch nog meer weten over de vergoedingen? Neem dan contact op met uw zorgverzekeraar of controleer de nieuwe polisvoorwaarden. Wij kunnen uw vragen in de meeste gevallen ook beantwoorden.

Wintertenen? Dit kan je er aan doen

Wintertenen kunnen ontzettend vervelend zijn! Aan de hand van deze blog proberen we je uit te leggen wat je er aan kunt doen.

Allereerst is het misschien handig om te weten wat wintertenen precies zijn. Wintertenen is een vertraagde reactie van de bloedvaten in de voeten op temperatuurverschillen. De kleine bloedvaatjes in de huid reageren niet snel genoeg op de temperatuurverschillen. Normaal gesproken verwijden de bloedvaten zich bij warmte en kan het bloed goed door de vaatjes stromen. Bij wintertenen en winterhanden, de klachten kunnen namelijk ook in de handen voorkomen, gebeurd dit niet in alle bloedvaten even goed en hierdoor hoopt het bloed zich op. Dit leidt tot beschadigingen van de vaatwand en het eromheen liggen weefsel waardoor klachten ontstaan.
De klachten die ontstaan zijn vaak zwellingen, jeuk, tintelingen, pijn en rode of paarse verkleuringen. Deze ontstaan meestal in koude en natte periodes. In Nederland heeft ongeveer 10 procent van de bevolking er wel eens last van gehad. Meestal komt het voor bij jonge mensen, maar ook ouderen kunnen er last van hebben.

De oorzaken van wintertenen

De oorzaak van het ontstaan van wintertenen is onbekend. Wel is bekend dat lage temperaturen en een hoge luchtvochtigheid een rol spelen. Te strakke schoenen en te dunne sokken kunnen ook invloed hebben op de klachten. Mensen die lijden aan een aandoeningen van de bloedvaten hebben ook een vergrote kans op het krijgen van wintertenen, ook kunnen bètablokkers en onder- of overgewicht een rol spelen.

Wintertenen kunnen erg vervelend zijn, maar zijn eigenlijk vrij onschuldig. Over het algemeen zullen de klachten na een aantal weken verdwijnen. In sommige gevallen kun je er een langere periode last van hebben. Soms kan de aandoening (een jaar later) ook terug komen. Een effectieve behandeling voor deze aandoening is er (nog) niet. Enkele patiënten hebben baat bij een vaatverwijder – of vitamine-injectie.

Wat kan je er zelf aan doen?

Het belangrijkste is preventie.

  • Probeer te voorkomen dat de voeten niet te snel afkoelen en koud worden. Bij een acute aanval kunnen de klachten verminderen met het houden van rust, de voeten opwarmen, voorzichtig wrijven over de tenen en eventueel behandelen met een anti-jeukmiddel.
  • Ook kunnen wisselbaden verlichting geven. Hierbij baad je afwisselend met de voeten in de een warm en koud bad.
  • Middelen die de huiddoorbloeding stimuleren kunnen lokaal verlichting bieden, deze zijn o.a. bij de drogist te verkrijgen.
  • Let erop dat je niet probeert te krabben, hierdoor kunnen wondjes ontstaan en eventueel gaan ontsteken.
  • Draag in de kou niet te strakke schoenen/kleding en te dunne sokken.

Wanneer maak je een afspraak bij de huisarts?

  • Als de aandoening zich uitbreidt en dus niet meer alleen de handen en tenen zijn aangedaan
  • Je er erg veel klachten van hebt
  • De klachten optreden wanneer je niet in de kou bent geweest.
  • Als je bètablokkers gebruikt.

Hopelijk hebben deze tips je geholpen! Mocht je nog twijfelen of meer willen weten neem dan contact met ons op.

Veters strikken: 6 manieren om je schoen beter te laten zitten

6 manieren om je veters te strikken

Als kind zijnde leren we al onze veters te strikken. Dit leren we allemaal op de standaard manier, omdat eigenlijk bijna altijd de veters op dezelfde manier in de schoenen zitten (standaard gekruist). Toch zijn er ook andere methoden om de veters te strikken. Deze methoden kunnen bijvoorbeeld een uitkomst bieden wanneer de schoen toch niet helemaal lekker zit aan de voet, de hiel niet stabiel zit in de schoen of als de schoen knelt bij de tenen of op de wreef.

Hieronder geven we een aantal voorbeelden waarbij het anders strikken van de schoen een oplossing kan bieden.

1. Heel lock (de zogenaamde lusvetering)

Vetertechniek: de heel lock Deze zogenaamde ‘heel lock’ is ideaal als je de hiel wilt fixeren in de schoen en tegelijkertijd de schoen niet te strak wilt veteren. Hij zorgt ervoor dat de hiel goed in het contrefort gestabiliseerd wordt. Veter de schoenen gekruist, of eventueel in combinatie met een andere vetertechniek, in tot aan het voorlaatste vetergat. Ga dan rechtover naar het laatste vetergat, dus niet diagonaal. Hierdoor ontstaat er een lusje. Steek de veter door het lusje aan de overzijde. Strik de schoenen zoals je gewend bent.

  • De lusjes helpen materiaal stevig rond de enkel te trekken
  • Geeft een betere pasvorm voor de hiel
  • Geschikt voor
    • Smalle hiel
    • Uit de schoen slippen
    • Blaren op hiel
    • Te combineren met andere vetervormen

2. Vermindering druk op de wreef

Deze manier van veteren vermindert de druk op de wreef en kan gebruikt worden als de schoen te strak aanvoelt op de wreef.
Veters kruisen elkaar niet. Rijg ze aan de zijkanten in en steek recht over naar de andere zijde. Ga daar weer 1 gaatje naar boven en steek weer recht over naar de andere zijde. Rijg de veters enkel door de zijkanten van de schoen

  • Vermindert druk op de wreef
  • Geschikt voor holvoet bij te veel druk op de wreef van de voet

3. Vermindering druk op de grote teen

Met deze vetermethode haal je de druk van het grote teen gewricht af, bijvoorbeeld te gebruiken bij een hallux valgus, druk op de grote teen of een blauwe teennagel.

  • Haalt druk van hallux af
  • Geschikt voor;
    • “Zwarte” teennagels/subungeaal haematoom
    • Subungeale exostose
    • Hallux extensis
    • Hallux valgus
    • Hallux limitus/rigidus
    • Turf toe

4. Druk op de voorvoet

Om meer ruimte te krijgen bij de voorvoet kan je de veters hoger inveteren. Dit geeft enerzijds meer ruimte en anderzijds meer flexibiliteit van de schoen op het buigpunt.

  • Laat de 1e 1-2 gaatjes open en begin je vetering hoger. Dit kan een paralle vetering zijn of een gekruiste.
  • Geschikt voor:
    • Brede voorvoet
    • HAV, tailors bunion, mortons neuroma, hamertenen, verkrampte tenen, nagelaandoeningen

5. Drukpplekken op de wreef

Heb je last van lokale drukplekken/verdikkingen op de wreef? Dan kan de volgende vetering een oplossing bieden.

  • Veter de schoenen gekruist in. Ter hoogte waar de pijnlijke plek zit op wreef veter je hem 1 gaatje naar boven (parallel). Daarna steek je weer schuin over en veter je verder.
  • Je kan ook gebruik maken van 2 veteringen/veters per schoen. Veter dan het stuk onder de pijnlijke plek apart in, laat een ruimte open en veter dan het bovenste gedeelte in.
  • Geschikt voor:
    • Onlasting pijnlijk (druk)punt
    • Bij holvoeten
    • Ontlast plekken waar de schoen schuurt
    • Bij overbelasting van de pezen/spieren op de wreef
    • Ontlast ganglion/cyste op de wreef

6. Standaard gekruist

Dit is de vetering zoals hij standaard ‘uit de doos’ komt.

  • Rijg de veters gekruist in
  • Geschikt voor:
    • “normaal” voettype en een blessurevrije voet

 

 

Mocht het strikken niet helpen en wil je toch graag de voeten of schoenen na laten kijken? Neem dan contact met ons op!

10 tips bij een diabetische voet

Volgens de laatste officiële cijfers hebben 8,8 miljoen mensen in Nederland minstens één chronische aandoening. Dat percentage zal de komende jaren blijven groeien, met name door leefstijlfactoren en vergrijzing. Van deze 8,8 miljoen Nederlanders hebben ruim 1 miljoen mensen diabetes mellitus. Diabetes mellitus (letterlijk ‘honingzoete doorloop’), in de volksmond ook wel suikerziekte genoemd, is een stoornis waarbij het glucosegehalte (= suiker in het bloed) te hoog is.

Als er bij jou diabetes wordt geconstateerd, kunnen er veranderingen plaatsvinden in de werking van het lichaam. De volgende veranderingen kunnen zich voordoen;

  • Afname van gevoel in de voeten (Neuropathie)
  • Standsafwijkingen in de voeten
  • Verminderde doorbloeding
  • Gewrichtsverstijvingen
  • Een verhoogd infectiegevaar

Deze voetafwijkingen komen erg veel voor bij mensen met diabetes mellitus en kunnen resulteren in moeilijk genezende wonden (ulcera) en hiermee samenhangende amputaties. Een diabetische voet kan zich bij alle mensen met diabetes mellitus ontwikkelen en betreft een van de ernstigste diabetes gerelateerde complicaties.

Tijdig herkennen van voetproblemen bij Diabetes

Het is dus erg belangrijk dat voetproblemen tijdig herkend worden en een therapie gestart wordt om te voorkomen dat er een ulcus (wond die langer dan 2 weken aanwezig is) ontstaat. Door preventieve voetzorg kan het aantal ulcera drastisch verminderen. Vandaar dat een goede voetverzorging uitermate belangrijk is bij deze patiëntengroep.

De behandeling die de podotherapeut toepast verschillen per patiënt en zijn klacht en probleem gebonden. Dit kan bestaan uit een wondbehandeling, diabetesscreening, preventief onderzoek of het uitwerken van een therapeutisch plan om problemen in de toekomst te voorkomen en de risico’s te verkleinen. Een regelmatige voetverzorging van de voeten wordt vaak uitgevoerd door een medisch pedicure die een goede samenwerking heeft met de podotherapeut. Zodat er bij bijzonderheden meteen adequaat gehandeld kan worden. Maar een stukje zelfzorg is hierin ook erg belangrijk.

10 tips bij een diabetische voet

Hieronder 10 tips die je als diabetespatiënt zelf dagelijks kan uitvoeren om een wond zoveel mogelijk te voorkomen:

  1. Inspecteer dagelijks je voeten op wondjes of onregelmatigheden. Goed om te weten: Kan je de onderzijde van je voet niet gemakkelijk bekijken? Maak dan gebruik van een spiegel.
  2. Controleer ook de binnenzijden van je schoenen. Schoenen mogen geen voelbare naden of stiksels hebben. En let hierbij ook op steentjes en dergelijke voordat je je schoen aantrekt. Draag ook het liefste naadloze sokken om drukplekken op de voet te voorkomen.
  3. Was je voeten dagelijks met lauw water en let op dat het afdrogen tussen de tenen zorgvuldig gebeurt.
  4. Maak geen gebruik van voetbaden, chemische middelen en of pleisters om eelt te verwijderen.
  5. Smeer je voeten dagelijks in met vochtregulerende producten.
  6. Knip je nagels niet te kort en recht af. Laat, indien medisch noodzakelijk, de teennagels, eelt en likdoorns door een medisch pedicure behandelen.
  7. Wanneer je een wondje hebt die niet binnen 3-5 dagen dicht is neem dan contact op met je huisarts, podotherapeut of diabetes verpleegkundige.
  8. Laat je voeten jaarlijks screenen op risicofactoren bij de podotherapeut of diabetesverpleegkundige.
  9. Indien er sprake is van een risico voet mag je NOOIT op blote voeten lopen.
  10. Zorg dat je op de hoogte bent van de voetcomplicaties die kunnen optreden bij de diabetische voet.

Heb je hier nog vragen over of wil je meer weten over de behandeling, neem dan contact met ons op.

Wanneer zijn je schoenen versleten?

Om maar gelijk een antwoord te geven op deze vraag; Hier is geen gouden standaard voor!

Sommige mensen slijten hun schoenen sneller dan anderen. Dit kan afhankelijk zijn van verschillende factoren. Iemand die de hele week staand werk heeft zal zijn schoenen sneller slijten dan iemand met een zittend beroep. Ook kan zwaarlijvigheid een rol spelen, maar ook zweetvoeten. Loop je heel erg naar binnen of naar buiten met je voeten dan slijt een schoen ook sneller omdat er meer wrijving plaats vindt.

De binnenkant van je schoen

Veel mensen maken een fout bij het beoordelen van de slijtage van een schoen en vergeten de binnenkant mee te nemen. De slijtage van aan de buitenkant is namelijk zichtbaar en zie je elke dag. De binnenkant kan daarentegen ook slijtage vertonen, waardoor het draag comfort verminderd. Slijtage aan de binnenkant van de schoen kan voetproblemen geven waaronder bijvoorbeeld drukplekken aan de tenen.

Bekijk dus regelmatig de binnen- en buitenzijde van de schoen, is de zool ergens flink afgesleten dan is het handig dat je wanneer de rest van de schoen nog goed is de zool laat verzolen of wanneer de rest van de schoen, bijvoorbeeld het bovenwerk ook aan het slijten is de schoen te vervangen. Nogmaals er is geen gouden standaard. Kinderen slijten door het spelen de schoenen vaak ook sneller dan een volwassene.

Slijtage bij sportschoenen

Bij sportschoenen is dit een ander verhaal, zeker bij de actieve sporters is het goed na te gaan hoeveel sporturen of kilometers er op de schoenen  gemaakt zijn. In de regel moeten voornamelijk hardloopschoenen na 1500 km vervangen worden, bij de een zal dit misschien al wat sneller zijn. Dit is namelijk ook afhankelijk van de ondergrond waar op gelopen wordt. De leeftijd van de schoen is ook belangrijk. Het klinkt misschien raar, maar een schoen die niet gebruikt wordt gaat toch in kwaliteit achteruit. Dat komt voornamelijk door het droger en poreuzer worden van de tussenzool in de schoenen. Bij zaalsporten is het verstandig de schoen na 1 à 2 seizoenen, afhankelijk van hoe vaak je traint te vervangen. Dit voorkomt ook blessures!

Heb je nog vragen?

Echt antwoord op deze vraag hebben we niet kunnen geven, maar we hopen hierbij wel een paar handreikingen te hebben gegeven waar op gelet kan worden. Mocht je na het lezen van deze blog toch nog vragen hebben, dan kun je altijd contact opnemen met ons via  06 342 023 07.

Skip to content